Zoek op de website
Innovatieve Groningse landbouwers slaan handen ineen voor precisielandbouw

Innovatieve Groningse landbouwers slaan handen ineen voor precisielandbouw

Ondernemen

20-12-16

Ruim twee jaar geleden richtten vijf Groningse akkerbouwers en een landbouwkundige de stichting aGroFuture op. Het doel was om nieuwe methoden en technologieën te ontwikkelen die kunnen bijdragen aan een zo duurzaam en efficiënt mogelijke bedrijfsvoering, niet alleen voor zichzelf maar voor de hele landbouwsector. Die bereidheid om te investeren in innovatie heeft de Groningse stichting in rap tempo tot een autoriteit gemaakt op het gebied van precisielandbouw.

‘We waren alle zes al zo’n tien jaar betrokken bij andere precisielandbouwprojecten, maar dat leverde naar onze mening veel te weinig op’, zo verklaart Derk Gesink, akkerbouwer te Mensingeweer, de oprichting van aGroFuture. ‘Je merkte gewoon dat de deelnemende boeren het wel interessant vonden, maar dat er na al die jaren bij sommigen toch een zekere vermoeidheid begon op te treden en dat niet iedereen bereid was om echt te investeren in innovatie. Om ervoor te zorgen dat alle kennis die door de jaren heen was vergaard niet helemaal verloren zou gaan, hebben we toen besloten aGroFuture op te richten.’

De eerste actie van het zestal was natuurlijk het spekken van de kas. Gesink: ‘We hebben wat gezamenlijk startkapitaal gestort en vervolgens per bedrijf het nodige geïnvesteerd in materialen en software. Daarbij konden we gelukkig rekenen op steun van een aantal externe partijen. Het scheelt natuurlijk dat we dit niet puur en alleen voor onszelf doen, maar dat we onze bevindingen delen met de hele sector.’ Daarna konden de eerste onderzoeken van start.

In alle aGroFuture-projecten die sindsdien zijn ondernomen, spelen sensoren een zeer belangrijke rol. ‘Daarmee kunnen we de groei van onze gewassen heel precies bijhouden’, aldus Gesink, ‘en relaties leggen met bijvoorbeeld de bodemsamenstelling. Op basis daarvan kunnen we besluiten of we ergens bijvoorbeeld meer of juist minder moeten bemesten of sproeien. Met behulp van een heel precieze locatiebepaling op de trekker of het werktuig kunnen we de bewerking dan heel gericht uitvoeren. Dat scheelt tijd en geld en is natuurlijk ook nog eens beter voor het milieu.’     

Om de sensoren op die plaatsen te krijgen, waar ze hun werk het beste kunnen doen, heeft aGroFuture opvallende methoden. Zo is er de landbouwdrone die aGroFuture in eigen beheer heeft en waarmee zeer nauwkeurige gewasopnames kunnen worden gemaakt. Daarnaast worden er verschillende soorten sensoren op de spuitmachines en op de trekker gebruikt en start er binnenkort een proef met sensoren die het vochtgehalte op verschillende dieptes in de bodem registreren.

‘Momenteel zijn we vooral veel bezig met de connectiviteit van de sensoren’, zo legt secretaris Marleen Lamain uit. ‘Wat dat betreft komt het natuurlijk geweldig van pas dat Noord-Groningen sinds kort een proeftuin voor 5G is. Met ultrasnel mobiel internet wordt er straks nog veel meer mogelijk. Zo wordt er momenteel door verschillende partijen gewerkt aan de ‘Smart Potato’, een op een aardappel lijkend apparaatje dat in het voorjaar met de andere piepers de grond in gaat en daar de groeiomstandigheden monitort. 5G vraagt zo weinig energie dat een minuscuul batterijtje volstaat om de Smart Potato niet alleen data te laten verzamelen, maar die data ook te verzenden wanneer en waarheen je maar wilt. Dat zorgt natuurlijk voor nog veel meer efficiency.’

Ondertussen worden de resultaten die op de vijf Groningse akkerbouwbedrijven worden behaald, op de voet gevolgd in de landbouwsector en vervult aGroFuture steeds meer een voortrekkersrol. ‘We merken dat we steeds vaker gevraagd worden om onze ervaringen te delen’, zegt Gesink, terwijl hij samen met Lamain op weg is naar weer een expertmeeting over precisielandbouw. ‘Dat doen we natuurlijk met alle plezier, maar we blijven natuurlijk ook gewoon akkerbouwers met een eigen bedrijf. Gelukkig weten we de taken onderling goed te verdelen en is er tot nu altijd wel iemand van ons die een praatje kan houden. Uiteindelijk doen we al die kennis ook op om het met onze vakgenoten te delen.’

www.agrofuture.nl

Meer nieuws